Vereniging van Protestants-Christelijke Auteurs
       

 

 
Het echte leven is nu; Bert van Weenen; roman, uitgeverij Mozaïek, 112 blz; ISBN 90-239-9912-49; € 14,50.

Het romandebuut van Bert van Weenen ligt in de boekhandel. Een boek waar het tromgeroffel zo duidelijk voor heeft geklonken, wordt met extra interesse opengeslagen.
“Het echte leven is nu”, deze titel staat haaks op het bestaan van de ouders van Peter Versteeg. Hun leven is gericht op het hiernamaals, zij leven in “de proeftijd” waarin het bewijs van bekering geleverd moet worden.
Het boek beschrijft een dag kort na de begrafenis van vader Versteeg. De dag dat Peter met een overvol hoofd weer de draad van het gewone leven zou willen oppakken. Dat mislukt, de dag wordt een aaneenschakeling van flashbacks en herinneringen die vooral te maken hebben met loyaliteit en onmacht.
In pijnlijk scherpe, soms ook ontroerend kinderlijke gedachten evalueert Peter de relatie met zijn vader, de worsteling om dichtbij te blijven en het gevecht om los te komen.
Dat dit boek herhaaldelijk is aangeprezen als een lichtvoetige roman, kan ik niet vatten. Vooral wie zich in het milieu herkent, vindt geen licht of luchtigheid, maar weet hoe zwaar, zwart en radeloos de sfeer kan zijn rond de vraag: “Is hét wel voor mij?”
-Als er een ouderling op bezoek kwam, had hij ook het liefst dat wij hen alleen lieten, met z'n tweeën, zodat hij ongestoord aan deze broeder kon zeggen wat hem allemaal zo vreselijk benauwde. Kon de Here hem toch maar in de ruimte stellen… Mocht de God van Abraham, Izak en Jakob hem genade schenken… Maar dat gebeurde, alle gebeden ten spijt, toch niet. Mijn vaders worsteling om in te gaan bleef zonder zichtbaar resultaat.
Dit alles vertel ik in bedekte termen aan mijn collega. Met lange pauzes tussen de fragmenten. Met halfverstikte stem. Zelf nog wekelijks onderworpen aan preken van bevindelijke snit, begrijpt hij maar al te goed wat de boodschap is van mijn verhaal.
Dat ik verdriet heb, nog niet eens zozeer omdat mijn vader gestorven is en begraven, maar vooral omdat de hemel, waar hij zo hartstochtelijk naar verlangde, hem kennelijk is ontgaan.-
De situatie is helder getekend, waarheidsgetrouw en niet overdreven naar mijn idee, maar ik word er erg droevig van dat er nergens een glimp doorkomt van een genadige liefdevolle God.
Voor de lezer die afscheid heeft genomen van het Christelijk geloof zou dit boek de bevestiging kunnen zijn dat die keuze juist geweest is. Als ik de schrijver was zou ik het daar moeilijk mee hebben.
De terugblikken en herbelevingen springen ver uit boven het verslag van de dag, waar veel koffie wordt gedronken en misselijkheid en toiletbezoek onder de aandacht wordt gebracht.
Comic relief (Make'em cry a lot; let 'em laugh a little) komt de lezer tegen in het visserslatijn, dat naast fraaie herinneringen ook vertelt van slapende wormen en een emmer vol paling in luttele uren.
Op de laatste bladzijden vat Peter de uitkomst van zijn zoektocht naar zekerheid samen in de zinnen: “Ach, vader, hoe bent u misleid. (-) Wie Jezus is, daar konden ze u niks over vertellen.” Het was mooi geweest als Peter dat dan zelf geprobeerd had ergens, maar misschien staat zijn excuus op dezelfde bladzij: “Kiezen mag je wat je wilt, maar wat is er eigenlijk van jezelf bij? Wat kan een mens zelf aan zijn leven veranderen?”
De roman (van bescheiden omvang) had aan waarde kunnen winnen als de lezer zou weten welke richting Peter was ingeslagen, want niet kiezen is ook een keuze. En daarover zal Bert van Weenen zeker ook mooie flashbacks kunnen bedenken.

Joke Verweerd